Het afscheid van ontwerpen als cultuurdrager
Daniël van der Velden, 15 January 2004

 

Volgens mij is ontwerpen al jarenlang een doorgeefluik voor een voorgekookte boodschap, aangezien het in opdracht wordt beoefend en de opdrachtgever dus al (zij het vaak niet goed) heeft nagedacht over wat hij wil vertellen. Dat ontwerpen een vorm van entertainment biedt is onderdeel van de verovering van de psychologische kant van het informatieobject voorbij de functionaliteit. Wat nodig is, is dat de keerzijde van dit entertainment aan bod gaat komen.

Een ontwerpen dat aanzet tot verder en anders nadenken en het glijmiddel vervangt door commentaar, maar de psychologische en communicatieve operatoren behoudt en zelfs vergroot. Daarom is 'terug naar functionaliteit' geen oplossing.

Dat om kritisch commentaar door opdrachtgevers niet gevraagd wordt, is tekenend voor de verwaarlozing van hun publieke taak. Dat zie je ook aan
de advertenties van mobiele telefoon-operators, die als verstrekkers van communicatietools de openbare ruimte drastisch hebben hervormd. De vanuit
de supermarkt per mobiel foto's versturende jongere (Vodafone) is slechts in schijn in contact met anderen. In feite maakt zijn communicatie deel uit
van een gesloten systeem van conventies waarin zelfs een meloen uit de Albert Heijn onderdeel wordt van een allesoverstemmende mobiele party-flow. De jongere wordt actief tot het verspillen van geld aan deze zinloze berichten aangezet.
Design is in deze constellatie overal en nergens. Het zit in het design
van de telefoon zelf, in de advertenties, de belwinkels, en uiteindelijk in het resulterende ontwerp van de publieke- en informatieruimtes. Maar nergens vervult het een rol die tot nadenken zet, tot een andere visie dwingt. Alles gaat 'mee'. Daarmee komt een klassiek probleem bovendrijven; als ik als ontwerper een mobiele telefoon 'goed' of 'mooi' ontwerp, functioneel, en zo duurzaam mogelijk, dan doe ik volgens ambachtelijk-ethische maatstaven alles volgens de regels. Zelfs het ontwerp van een wapen kan in deze redenering 'goed' zijn. Maar als iedereen in de voedselketen van het design zijn werk 'goed' doet, ontstaat er een machine die TE GEOLIED loopt.
Het besef ontbreekt dat de ontworpen omgeving een cultuurdrager is, waar bij stil gestaan moet kunnen worden. Een informatieruimte die altijd doorverwijst naar de nabije toekomst, zoals de ruimte van de reclame, doet dit per definitie niet, en dit is precies wat wordt gewenst. Cultuur ontstaat door overwaardes en meerwaardes te implementeren, door ruimte voor dialoog in te passen, door ethische, maatschappelijke en culturele dilemma's in te bouwen, en door er naar door te verwijzen. Waar we op dit moment echt mee te maken hebben, is het afscheid van ontwerpen als cultuurdrager.